Slim

"Ge moet ook willen verkopen, mijnheer." Een slogan die al eens vaker door mijn hoofd gaat, en waartegen ik soms de laatste ben om niet tegen te zondigen. Ik beschik over een slechts gematigd mercantiele geest, maar kan wel vol bewondering staan als anderen van beter koopmanschap blijk geven.

Apple vandaag, meer bepaald de iTunes shop. Zeer tot ongenoegen van de artiesten wellicht heeft iTunes me veranderd in een single-buyer, t.t.z. ik loop niet meer naar Fnac of Bilbo om volledige CDs te kopen, maar hoor iets op de radio en klik naar iTunes om er wat rond te struinen, previews te beluisteren en (meestal slechts) enkele individuele nummers te kopen.

Soms een volledig album, maar eigenlijk zinde me dat niet in het verleden, aangezien ik dan voor een volledige CD vast hing aan Apple's DRM toestanden. Wat dus wil zeggen dat de collega's op het werk niet kunnen meeluisteren bijvoorbeeld, of dat er ooit een dag zal komen dat we teveel PCs en iPods geauthorized hebben thuis.

Een poosje geleden kwam Apple uit met iTunesPlus: DRM-vrije, hogere kwaliteitsversies van een deel van hun aanbod. Mét een meerprijsje natuurlijk, maar intussen ook een gelegenheid om van die vervelende DRM-toestanden af te raken. Toen ik vandaag, naar aanleiding van wat mails en een artikeltje op Gentblogt besloot om wat Ijslandse muziek binnen te trekken (dankjewel Patricia!), kreeg ik plots een pop-up dat het album ook in Plus-formaat te krijgen was. Het werd zelfs nog beter.

(download)

Je moet willen verkopen, mijnheer. Natuurlijk is het niet zo moeilijk om zo een schermpje te presenteren als e-shop (hoewel, ervoor zorgen dat de shop werkt voor een paar miljoen gebruikers lijkt me redelijk boeiend). 't Is in de afwerking evenwel dat men de ware meester herkent.

Klik, klik, gedaan. Snelle downloads inclusief.

 

De nieuwe oude media

Het blijft natuurlijk een zichzelf vervullende droom: je trekt het publiek aan waarvoor je schrijft, door wat je schrijft. Wat dat betreft zal ons project wel eeuwig (maar vooral: gemakshalve) versleten worden als een echokamer van de linkiewinkies, maar deze observatie op dit item brengt (voor mij althans) een aantal zaken in verband.

  • Matthias dus, die schrijftVijf jaar geleden lachtten we nog allemaal met dergelijke reporters in In De Gloria, vandaag aan de dag werken ze gewoon écht bij de publieke omroep.
  • Ik ben geen één-luisteraar, maar moest ik als net-verantwoordelijke dit hier moeten lezen, ik zou een hol opzoeken om in weg te kruipen. Ongetwijfeld zal er in vergaderingen nu beslist worden dat dit de begrijpelijke, maar noodzakelijke schok is waar het publiek nu eenmaal door moet, en dat vernieuwing altijd reacties uitlokt, maar dat dit slechts een fenomeen van voorbijgaande aard is. Ach, ze draaien wel bij.

Op zich is het natuurlijk allemaal van een redelijk passons-gehalte, maar ben ik nu onredelijk als ik me de bedenking durf maken dat men de pedalen een beetje kwijt is? Dat de klassieke top-down redactionele structuren, de hoogmis van hoofdredacteuren en andere kopstukken, de kartonnen muur tussen redactie en advertenteerders, dat die stilaan overspoeld raken door de tidal wave van citizen journalism?

Met een kleiner bereik natuurlijk, en net dezelfde problemen qua organisatie en tijdigheid en bestaffing en coverage, maar mét het verschil dat er nooit een firewall gestaan heeft tussen redactie en publiek, en dat de redactie (én de vaste commentatoren) het zichzelf nooit gewoon gemaakt hebben om geen verantwoording te moeten afleggen over zin en onzin van wat en hoe er gepubliceerd wordt.

Update 1: hierzie. Nu ook nog de politieke recuperatie van hetzelfde nieuws. Och here.

Update 2: een zijdelings betrokken partij aan het woord"Van zodra de poort openging, sprong de pers op ons. We hebben echt getracht ze weg te houden van onze leerlingen, maar jullie kennen hun technieken ook. Zo simpel is dat niet. Met alle respect voor de pers die zijn werk moet doen, maar er is een verschil tussen informatie verzamelen en sensatie willen brengen."

Ze worden groot, mijnheer.

En zo kwam er vanmorgen een eind aan onze vakantie. Een uitgestelde 1 september, terug naar school: Sander naar het 5de leerjaar, Tim naar het 4de, en Saar naar de derde (en laatste) kleuterklas. Volgend jaar dus geen kleuters meer. Zij worden groot, en wij worden ... ha.

Op school was het alvast een non-event. Regen bij bakken dus géén groot welkomstfeestje op de speelplaats, elke leerkracht stond in voor het eigen onthaal in de eigen klas. Mieke bracht de jongens naar hun lokalen, ik Saar naar haar nieuwe klas, duizend hallo's van bekende ouders en leerkrachten, dan nog eens over en weer gelopen zodat we allebei goeiedag gezegd hadden aan alle juffen, en dat was dat. Dit schooljaar geen "bekende" juffen meer, ttz. geen juffen die oudere broer(s) al eens meegemaakt hebben, maar Mie en ik zijn hevig believers in de eerste indruk, het eerste gevoel, en dat zat alvast prima.

En Saar, Tim en Sander waren hun flinke zelve: Saar wou vooral haar nieuwe klas en dus ook het nieuwe speelgoed zien, en zette zich prompt op haar poep met de vriendinnetjes van vorig jaar te spelen ("Ja, daaag, tot vanavond!"), en Sander en Tim zijn intussen echte anciens in de lagere school, dus veel omkijken, gezwaai of geknuffel viel daar ook niet te noteren. Ze hadden er zin in.

Eigenlijk was dit, denken we, de leukste zomervakantie ooit. Onze kindjes worden groot, ze vinden meer dingen leuk, ze kunnen ook meer dingen méé-doen, en de twee voorbije maanden waren precies goed ingevuld. (Voor zij die zich zorgen maken in de grijze gaten in de fotografische zomerkalender: er was daarnaast ook nog, niet fotografisch vastgelegd of nog niet opgeladen, vakantieopvang bij Ida, een grote vakantie in Frankrijk, twee sportkampen, een logeerpartijtje bij oma en opa en helaas geen scoutskamp omdat dat midden onze eigen vakantieweken viel.)

En de komende weekends is het nog niet afgelopen met de festiviteiten. Yuy!